Florazo

Flora inventarisatie in Amsterdam Zuidoost

Biggenkruid en Leeuwentand

Het is weer zomer en er zijn weer volop gele composietjes aanwezig. Vandaag hadden we het er over: wat is nou het verschil tussen Gewoon Biggenkruid (Hypochaeris radicata) en Vertakte Leeuwentand (Leotondon autumnalis)  bijvoorbeeld.
Onvertakte, niet bebladerde stengels geven geen probleem: dan heb je bijna altijd met een (ruige of kleine) Leeuwentand te maken en niet met Biggenkruid, maar als de stengels vertakt zijn?

De bladeren zijn verschillend: die van Biggenkruid eindigen in een diehoekige eindslip, die van Leeuwentand zijn lancet / lijnlancetvormig dus spitser, het woordje tand zegt het al ;-) .

Blad gewoon biggenkruid

Er is een handig snel onderscheid: Vertakte leeuwentand heeft vaak een rode streep op de onderkant van de buitenste randbloemen en de bloembodem versmalt zich onder de plant geleidelijk, bij Biggenkruid plotseling.
Het lijkt allemaal heel duidelijk als je dat zo zegt, maar in de praktijk loopt het toch nogal door elkaar: de onderstaande foto links is van KU Leuven,  dus zal wel kloppen, maar die bloem zou je toch op basis van deze twee dingen als Leeuwentand aanmerken…

Bloemhoofdje gewoon biggenkruid

Vertakte Leeuwentand

Gewoon biggenkruid

Gewoon biggenkruid

Vertakte Leeuwentand

Dit is wel een heel mooie Vertakte Leeuwentand

Tenslotte:  Biggenkruid heeft wel stroschubben die de lintbloempjes omvatten, en Vertakte leeuwentand niet.

De theorie is duidelijk, maar de praktijk ….

 

Aanvulling:

De lengtestreep bij biggenkruid is grijs, bij de vertakte leeuwentand rood.
Gewoon biggenkruid heeft behaard blad, vertakte leeuwentand bijna onbehaard.
Gewoon biggenkruid kan tot 80 cm hoog worden, vertakte leeuwentand maar tot 45 cm.

21 juni 2009 Geplaatst door Dymphie | Planten | | Momenteel geen reacties

Rode Lijst

Naar aanleiding van een vraag (“weten jullie welke rode lijst soorten er in Zuidoost voorkomen?”) bedacht ik me dat ik eigenlijk helemaal niet weet welke soorten er op de Rode Lijst staan. Op onze streeplijst staat wel af en toe iets vermeld, maar een overzicht heb ik niet. Inmiddels wel , want ik heb het opgezocht: de Rode Lijst van plantensoorten uit 2000, aanvaard in 2004. Te downloaden via de Floron website of in te kijken via Wikipedia.

Ik heb de lijst van Floron gedownload en erbij aangekruist welke ik – zo uit het hoofd gezegd – wel eens in Zuidoost heb gezien. Dat zijn er 12:

Gewone agrimonie
Ondergedoken moerasscherm
Kluwenklokje
Hangende zegge
Brede orchis
Moeraswespenorchis
Kleverige reigersbek
Amandelwolfsmelk
Stijve ogentroost
Dwergviltkruid
Waterdrieblad
Borstelgras

Tot mijn verbazing zitten er een aantal niet bij waarvan ik altijd dacht dat die wel RL waren, zoals:

Kleverige ogentroost
Grote boterbloem
Zwanenbloem
Grote ratelaar
Duizendguldendekruid (echt, fraai en strand)

en zelfs aandachtsoorten staan er niet op als:

Dotterbloem
Kattenstaart
Mattenbies
Watergentiaan

Dat moet ik dus nog eens goed nazoeken.

20 juni 2009 Geplaatst door marianne | Planten, Uncategorized | | 1 Reactie

Groot hoefblad

Kijken is toch moeilijker dan je denkt. Wij dachten dus altijd te weten hoe groot hoefblad Petasites hybridus eruit zag, dus keken we daar verder nauwelijks naar.

En  dus niet eerder gezien dat je daar mannelijke en vrouwelijke bloemen in hebt! En die zijn zelfs zo verschillend dat Linneaus ze eerst als afzonderlijke soorten heeft beschreven.

Mannelijke bloem

Mannelijke bloem

Vrouwelijke bloem

Vrouwelijke bloem

Als je ze ziet bloeien lijken de bloeistengels op het eerste gezicht wel erg op elkaar.

Maar van dichtbij is het heel duidelijk en lijken ze inderdaad niets op elkaar…

We hebben er een paar eens goed bekeken: mooi he?

De vrouwelijke hoofdjes hebben een soort urntje: vernauwd naar der top toe en ontwikkelen na de bloei een pappus van witte haren die als kwastjes uit het hoofdje steken. De mannelijke hebben vijf driehoekige slippen en een knotsvormige  ‘veegstijl’: dat zijn die witte uitsteeksels op de foto links.

De planten groeien in vaak forse groepen bij elkaar en elk groepje dat je ziet bloeien zijn of mannelijke, of vrouwelijke bloemen: ze komen niet gezamenlijk voor.  Ze verspreiden zich vnl via wortelstokken en niet via de bloeiwijze. Wij zagen veel vrouwelijke groepen trouwens: het duurde even voor we een paar mannen gevonden hadden. De vrouwelijke bloeistengels komen iets later in bloei dan de mannelijke en dat was goed te zien in deze tijd van het jaar: de meeste mannelijke waren al bijna weg.

Van afstand lijken ze erg op elkaar

Op de site van de Ku Leuven zie je een serie foto’s in diverse stadia.

Van afstand lijken ze erg op elkaar

19 april 2009 Geplaatst door Dymphie | Planten | | Momenteel geen reacties

Russen en biezen

En toen hadden we dus een discussie over biezen en russen. Wat is ook weer het verschil: ze zijn alletwee grasachtig met een ronde stengel. Het verschil zit hem in de bloem.

Russen hebben een volledige bloem met 2 kransen van drie bloemdekblaadjes.
Of zoals de soortenbank de russen omschrijft:

Kruidachtige, eenjarige of overblijvende planten, meestal met een wortelstok en met smalle bladen, vaak met een grasachtig uiterlijk. Bloemen regelmatig, tweeslachtig. Bloemdekbladen 6, groen, bruin of strokleurig, aan de rand vaak vliezig. Meeldraden 6 of 3. Vruchtbeginsel bovenstandig, 1-3-hokkig; stijl 1, met 3 draadvormige stempels. Vrucht een 3-veelzadige doosvrucht

Om het de liefhebberende inventariseerder nog uitdagender te maken vallen de veldbiezen (luzula) onder de russen.

Biezen vallen onder de cypergrassen, net als zeggen.  Terwijl de zeggen een driehoekige stengel hebben, is die van de biezen rond. De bloemdekbladen van de cypergrassen bestaan uit haren of schubben. In geval van biezen hebben die dus ook kafjes om de bloem.

Volgens de soortenbank zijn cypergrassen:

Kruiden met een gras- of biesachtig uiterlijk. Stengels alleenstaand of in groepjes, meestal zonder knopen, meestal met merg gevuld, rond, afgeplat of driekantig. Bladen bijna altijd 3-rijig; bladscheden meestal gesloten, aan de top zonder of met een zwak ontwikkeld tongetje, soms aan de van de bladschijf afgekeerde zijde met een tongetje; bladschijf al of niet ontwikkeld, vlak, gevouwen of borstelvormig, aan de rand vaak min of meer ruw. Aren alleenstaand of in samengestelde aren, trossen, pluimen of hoofdjes verenigd, aan de voet vaak met 1 of meer lege kafjes. Bloemen eenslachtig of door samentrekking van een mannelijke en vrouwelijke bloem tweeslachtig, zonder bloembekleedsels (de al of niet aanwezige borstels zijn waarschijnlijk als schutblaadjes te beschouwen), ongeveer even groot als de schutbladen (‘kafjes’). Meeldraden 1-3, zelden meer. Vruchtbeginsel bovenstandig, met een in 2 of 3 stempels overgaande stijl, eenhokkig, met 1 rechtopstaande zaadknop. Vrucht een nootje, vrij of (Carex) door een zakvormig omhulsel (urntje) omgeven carex_l8.jpg.

En daar vallen dan weer een hele serie geslachten onder. De biezen alleen al zijn verdeeld in een aantal soorten waaronder: waterbies (eleocharis), bies (schoenoplectus bijv. mattenbies), veenbies (trichophorum)scirpus (bijv. de bosbies) en bolboschoenus (bijv. heen)

19 oktober 2008 Geplaatst door marianne | Planten | | Momenteel geen reacties

Gewone en Slanke Waterbies

In ons hok hebben wij twee soorten waterbiesjes gevonden: de gewone (Eleocharis palustris) en de slanke (Eleocharis uniglumis).

Gewone waterbies

Ze lijken erg op elkaar, maar bij de gewone waterbies omvat het onderste kafje niet meer dan de helft van de stengel, terwijl dat bij de slanke waterbies helemaal of bijna helemaal is.
Een snel veldkernmerk: als je het aartje eraf trekt en je houdt twee kelkkafjes over, dan is het de gewone, is het er maar een, die meer dan de helft omvat, dan is het de slanke. (Overigens is de slanke buiten ons district nogal zeldzaam, dus doe dit met mate :-) .

Bij de soortenbank is er een aardig plaatje van de slanke:

25 mei 2008 Geplaatst door Dymphie | Planten | | Momenteel geen reacties

Oever- of Moeraszegge

Is het een oeverzegge (carex riparia) of een moeraszegge (carex acutiformis). Ze lijken erg op elkaar, komen ongeveer in dezelfde biotoop voor: aan water. En hoewel de moeraszegge iets meer een voorkeur heeft voor een voedselarme omgeving komen ze ook wel samen voor. Zoals het Engelse boekje “ Sedges of the British Isles” zegt: “ the species (acutiformis) if robust may be confused with depauperate C. riparia”. En bovendien ‘doen’ ze het ook samen en komen er hybriden voor.

Toch zijn er wel degelijk duidelijke verschillen:

oeverzegge (riparia)

moeraszegge (acutiformis)

mannelijke aren

tot 5

tot 3

vrouwelijke aren

tot 12 mm breed

tot 8 mm breed

blad

tot 2 cm breed

tot 1 cm breed, overhangend

bladschede

met dwarsnerven

zonder dwarsnerven, rafelig

blad

glanzend blauw/olijfgroen

dof grijsbruin tot groen

bladpunt

driekantig

vlak

tongetje

stomp

scherp

Een jonge – nog rechtopstaande – hoge cyperzegge (pseudocyperus) zou je er ook mee kunnen verwarren zij het dat die maar een mannelijke aar heeft.

Op de afbeelding een oeverzegge.

oeverzegge

N.B. we hadden ook ergens gelezen dat de bladlengte van de oeverzegge hoger is dan de bloeiwijze-stengel, maar in de boeken kan ik dat niet meer terugvinden. Maar in de praktijk blijkt het meestal wel zo te zijn dat als het losse blad niet duidelijk boven de stengel met de bloeiwijze uitsteekt er sprake is van moeraszegge.

Aldus aangevuld 25 mei 2008.

18 mei 2008 Geplaatst door marianne | Planten | | 2 Reacties

Kleine ereprijsjes

We hebben een klein ereprijsje gevonden, maar welke? Het is een leuk plantje, maar het is nog knap lastig uit te maken welke: het is niet trosvormig, dus sluiten we ereprijzen met aren al meteen uit.
Maar welke is het dan wel?

Het is

  • heel klein: dus geen grote ereprijs: die heeft grote kroon, lange bloemsteel en ronde bladeren
  • staand: dus overduidelijk geen draadereprijs (veronica filiformis) want die is liggend
  • zeer behaard: dus is het geen tijmereprijs (veronica serpyllifolia), want die heeft kale bladeren
  • voorzien van ongedeelde bladeren in het midden: dus geen voorjaarsereprijs (ook wel kleine ereprijs genoemd) (veronica verna) want die heeft wel gedeelde bladeren, en is bovendien heel zeldzaam. Maar verder lijk hij er wel heel erg op
  • is het schutblad langer dan bloemsteel? Tja, dat is lastig te zien omdat alles zo klein is

Daaruit concluderen we dat het toch een heel gewone veldereprijs (veronica arvensis) is vanwege uitsluiting bovenstaande bloemen en:

  • sterke beharing
  • veel klierharen
  • hele kleine bloempjes
  • veel zijtakken

18 mei 2008 Geplaatst door Dymphie | Planten | | Momenteel geen reacties

Grote muur, Grasmuur en Akkerhoornbloem

Tijdens onze wandeling langs het Floris V pad zagen we Akkerhoornbloem: een plant met gespleten kroonbladeren en grijsgroene, nogal behaarde bladeren. Voorkomen:

Op vrij open of grazige, droge, al of niet kalkrijke zandgrond, vooral op rivierduinen, in de duinen en aan bermen; niet op akkers. Algemeen; plaatselijk vrij algemeen in het Haf- en Drents district en in Flevoland.

Akkerhoornbloem

Afgelopen weekend waren we in Oost Brabant en daar zagen we een plant die erop leek, maar veel langere en smallere bladeren had en niet zo behaard was: een muur, maar welke?

Is het de Grote muur (Stellaria holostea) of de Grasmuur (Stellaria graminea)?

Die twee lijken erg op elkaar, maar het onderscheid zit hem met name in de mate waarin de kroonbladeren gespleten zijn: de Grote muur tot op de helft, Grasmuur tot over de helft. Bovendien: als je naar het voorkomen kijkt: we waren bij Mill, en liepen door de landerijen bij de oude Motteburcht Tongelaar. En wat is het voorkomen van Grote muur:

In Nederland groeit ze voornamelijk op de zandgronden, Zuid-Limburg en langs de Maas en de Rijn met haar zijtakken.

Overduidelijk Grote muur dus.

Grote muur Grasmuur

Respectievelijk: Grote muur en Grasmuur.

5 mei 2008 Geplaatst door Dymphie | Planten | | Momenteel geen reacties

Niet alledaagse planten rondom de Gaasperplas

Zuidoost is prachtig: het is er zo plezierig wonen juist omdat er zoveel groen is! Stadsdeel, hou dat alsjeblieft in de gaten en bekijk het wonen en het groen niet los van elkaar.

Op ons rondje vandaag om de Gaasperplas hebben we weer een paar niet al te gewone planten gezien en eens gefotografeerd.
Zoals:
Grijskruid: (Berteroa incana) een kruisbloem met een wortelrozet en tamelijk lange stengels met een bolletje wttle bloemetjes aan het einde. Elk jaar te vinden bij de surfoever
P8190013

Kleverige ogentroost: (Parentucellia viscosa) een klein beetje onopvallend plantje. Die hadden we nog niet eerder gezien, maar K. heeft ons erop geattendeerd. Achter het illegaal gebouwde Balorig.
P8190010



Wilde reseda: (Reseda lutea) een halfhoge plant waarop de de kleine wolbij en de resedamaskerbij dol zijn. Ook bij de surfoever
P8190014







Kleine kaardenbol: (Dipsacus pilosus). De plant is wel hoog: wel 2 meter, maar de ‘bol’ met bloemen is veel kleiner dan die van de grote kaardenbol.
Kleine kaardenbol Kleine kaardenbol

Kleine kaardenbol

Schijnaardbei: Potentilla indica met zijn gele bloemtjes en rode vruchten

Schijnaardbei

Groot heksenkruid: (Circaea lutetiana) in het Gaasperplaspark deel

Groot heksenkruid

Donkere ooievaarsbek: (Geranium phaeum). In het Gaasperplaspark, maar verder zie je hem in zuidoost steeds meer.

Donkere ooievaarsbek

Nou, ik heb niet veel verstand van planten en bloemen. Amsterdam Zuidoost is een mooie plek. De mens hoort goed voor de natuur te zorgen.
Fijne avond verder

Interessante site. Weet nu eindelijk hoe dat witbloeiende plantje heet bij de surfoever. Ik heb zelf een paar bijzondere paddenstoelen gezien, zoals de rosse populierboleet bij het parkeerterrein aan de zuidwestkant. Ook de fijn of vaaggegordelde melkzwam. Doen jullie ook iets met paddenstoelen?
Groeten Els

19 augustus 2007 Geplaatst door florazo | Planten | | Momenteel geen reacties

Grassenexcursie

Zondag 3 juni hebben we een excusie van de Grassenwerkgroep van de KNNV in het gebied van de Blaricummermeent en het Voorland Stichtse Brug gehad.
Een mooi gebied met werkelijk een ongelooflijke hoeveelheid orchideeën. Uiteraard hadden we speciale interesse in allerlei soorten grassen, maar daarnaast vonden we parnassia, duizendguldenkruid, en andere leuke planten. In dit gebied is spontaan zonnedauw op gekomen: meestal krijg je dat alleen als je in heide gebieden gaat plaggen.
Ongelooflijk dat ze dit gebiedje willen offeren aan weer een jachthaven :-( . Jachthavens hebben we dit in dit land genoeg, maar maar weinig van dit soort kwetsbare kwaliteitsnatuurgebiedjes.

Het beheer laat nu al wat afweten: dus je kunt nu al zien wat er gaat gebeuren als dit niet onderhouden wordt: op opslag van berken neemt enorm toe.Maar het plekje van de ‘melige toorts’ wordt nog goed onderhouden.

Eindelijk liep het determineren van grassen en zeggen wat vlotter. Het lijkt wel of we beter gaan zien: 2 of 3 stempels, en een of meer bloemige aren. Met name de festuca’s hebben we nu onder de knie: onderste aartak heeft grotere ruimte tot de volgende erboven, en de ‘rubra’ heeft een rechtste onderste aartak die de helft is van de linker (of omgekeerd, maar dat doet er niet toe).

M.

12 juni 2007 Geplaatst door florazo | Excursies, Planten | | Momenteel geen reacties